Ervaringen en interviews

ACHTER DE SCHERMEN VAN… VeBeS-BESTUURSLID JOHAN WEYMEIS We praten deze keer met een gecoöpteerd bestuurslid van VeBeS Oost-Vlaanderen. Johan Weymeis is 67 en woont in Gentbrugge. Hij heeft een band met Gent, maar werkte 35 jaar in Kortrijk en komt ook heel vaak in Brugge, waar hij familie heeft. Na een boeiende carrière in de sector van de beeldtechnologie kwam bezige Johan bij Licht en Liefde terecht als vrijwilliger.

Johan: “Mijn interesse is erg breed, met de klemtoon op communicatie, taal en allerlei vormen van kunst en creativiteit. Ik doe heel veel, maar uiteraard niet alles tegelijk. Ik leef op een vrij artistieke manier. Dat ik alleen ben – wat ik niet zo ervaar – geeft me extra mogelijkheden. Ik houd mijn geest open en heb altijd een notaboekje bij.
Ook mijn beroepsleven was erg creatief. Na een rustige jeugd werd ik industrieel ingenieur, richting elektronica. Ik heb mijn hele loopbaan bij Barco gewerkt. De eerste periode ontwikkelde ik daar nieuwe producten. Het mooiste wat ik ooit gemaakt heb, was een televisie die je op een schip kon zetten en die overal ter wereld kleurenbeelden kon weergeven. Een heel bijzonder toestel! Daarnaast ontwierp ik beeldmonitoren voor gebruik bij montage en eindcontrole in videostudio’s.
Door een reorganisatie had Barco mensen nodig om handleidingen te schrijven bij de toestellen. Zulke jobs zijn in Vlaanderen heel moeilijk in te vullen. Ik ben daar dan mee begonnen. Na een jaar kwam er nog iets bij: opleiding geven. Ik werd wereldwijd uitgestuurd. Als ik dan in Zuid-Afrika, Zuid-Amerika of Azië was, depanneerde ik daar ook bij problemen met toestellen. Dan moet je het niet alleen kunnen uitleggen, maar moet je de techniek ook echt beheersen.
Het was heel interessant om met mensen van overal te kunnen werken. ’s Middags zit je samen te eten en leer je hun wereld kennen. Neem Azië: daar hebben de bedrijven heel veel werknemers, maar elk doet slechts een klein dingetje. Bij ons verloopt alles veel efficiënter. Achteraf gezien was die periode voor mij de meest boeiende, hoewel ik dat toen niet zo besefte.
De laatste twaalf jaar was ik vooral met octrooien bezig. Ze vroegen mij dat omdat ik de toestellen en technologieën goed kende en diverse talen beheerste. Het was een grote eer, die ik niet kon weigeren. Ik kwam met uitvinders in contact en moest uitzoeken of hun vondsten wel echt nieuw waren. Als een concept al door iemand anders publiek is gemaakt, kun je niet meer zeggen dat het jouw uitvinding is. Zulke speurtochten liggen me. Het is soms echt zoeken naar een naald in een hooiberg. Ik bleef daarnaast ook documentatie schrijven.”

Hoe kwam je bij Licht en Liefde terecht en wat doe je er?

Johan: “Op vakantie aan de kust verbleef ik bij een vrouw die heel slechtziend was en hulp kreeg van Licht en Liefde. Ik kende de organisatie ook van de jaarlijkse actie in de kerken. Toen ik eind 2007 met brugpensioen ging, wou ik graag nog iets doen, maar ik zocht niet echt.
Ik speelde cello en zat in een muziekbandje. Geluidstechniek en opname bleven me boeien, ik heb thuis zelfs een studio. Toen ik gevraagd werd om een amateurfilm in te spreken, viel dat goed mee. Die film won zelfs een wedstrijd. Zo kwam ik op het idee om voorlezer te worden. Op een dag stapte ik binnen in het vlaamsoogpunt Gent.
Ze vertelden me dat alle voorlezers dictie hadden gevolgd. Daar ben ik toen ook mee begonnen. Doordat ik zo lang in West-Vlaanderen gewerkt had, had ik blijkbaar de zachte ‘g’ opgepikt… De voorleestest heb ik lang uitgesteld. Uiteindelijk slaagde ik niet, het was op het randje. Ondertussen was ik al vrijwilliger bij Licht en Liefde. Ik begeleidde mensen van het station naar het vlaamsoogpunt.
Omdat ik graag teken, belandde ik ook bij ’t Vaartje in Lissewege, waar mensen met een visuele beperking in de zomer kunstwerken maken. Ik teken vrij klein, maar heb gemerkt dat dit voor slechtzienden met een beperkt gezichtsveld juist een voordeel is: ze kunnen dan de volledige tekening zien. Het houdt me ook bezig hoe ik tekeningen voelbaar kan maken. Ik heb al geëxperimenteerd met kleine reliëftekeningen in keramiektegeltjes.
Al twee jaar zit ik in het bestuur van VeBeS Oost-Vlaanderen: daar werd ik gecoöpteerd als ziende persoon. Ik ben in het bestuur omdat ik dan meer kan doen. Je hebt een beter algemeen zicht en kunt je taken zelf bepalen. In het organiseren van activiteiten ben ik niet zo sterk. Ik wil vooral graag blinde en slechtziende mensen helpen om te realiseren wat ze willen doen.
Op mijn allerlaatste werkdag bij Barco noemde mijn baas me een
‘facilitator’. Ik had dat woord nog nooit gehoord. Faciliteren betekent dat je dingen makkelijker maakt voor anderen, zonder dat je ze zelf uitvoert. Ik had in het bedrijf twee afdelingen moeten samenvoegen, een heel delicate opdracht. Blijkbaar had ik dat goed aangepakt. Ik had talent getoond om met mensen te praten, hen samen te brengen en tot een plan te komen – iets wat ik nochtans niet gewoon was.
Ook bij VeBeS en Licht en Liefde tracht ik zo te werken. Ik krijg er wat vrijheid om te doen waar ik goed in ben. Zo schrijf ik de verslagen, waarbij ik ervoor zorg dat ideeën die mensen terloops aanbrengen, niet verloren gaan. Wie een creatief idee heeft, moet soms wat weerstand overwinnen. Ik vis zulke ideeën op in mijn verslag en dan komen ze de volgende keer ter sprake. Ook nieuwe mensen, nieuwe vrijwilligers moeten kansen krijgen: zij brengen verfrissende ideeën mee. Hun kwaliteiten moeten aan bod kunnen komen.
Als je bij het bestuur bent, krijg je meer algemene verantwoordelijkheden. Ik houd me ook bezig met de technische kant. Maar tegelijk probeer ik individueel te blijven helpen. Gewoon eens iemand begeleiden is immers ook heel belangrijk. Dan vertellen mensen vaak hun problemen en wensen. Je kunt hen dan motiveren en doorverwijzen naar een hulpverlener die hen vooruit kan helpen.
Als ik voorlezer was geworden, had ik niet de contacten met mensen gehad die ik nu zo boeiend vind. Mijn vrijwilligerswerk brengt me bovendien op plaatsen waar ik anders niet zou komen. Ik heb bijvoorbeeld het openbaar vervoer veel beter leren kennen. Je bekijkt het ook anders, je let op andere dingen.
Ik was heel veel met beelden bezig, maar kwam toen opeens terecht bij mensen die dat niet hebben. Dat verrijkt me. Je komt tot dingen die je anders niet gedaan zou hebben. Soms kan ik mensen zicht geven op iets, op kleuren bijvoorbeeld. Ik vind het bijzonder aangenaam om op die manier te kunnen helpen.
Af en toe heb ik een nieuwe uitdaging nodig. Zo is het ook bij ingenieurs: je ontwikkelt een product, maar geeft het uiteindelijk door aan anderen en begint weer aan iets nieuws.
Onlangs las ik dat vrijwilligerswerk echt gezond is. En dat lijkt te kloppen: van het moment dat ik ermee startte, ben ik beginnen vermageren – wat welkom was. Dat komt door veel te bewegen en wat onregelmatiger te eten. Ik houd nu zonder moeite mijn lagere gewicht vast.”

Je bent ook bezig met de activiteit ‘komen lezen’…

Johan: “Ja, gisteren hadden we bij VeBeS in Gent weer zo’n bijeenkomst. Iemand leest een kortverhaal voor en dat wordt af en toe onderbroken om er in de groep over te praten. Na het verhaal volgt nog een gedicht dat er verband mee houdt. Het duurt één tot anderhalf uur, is gratis en je krijgt koffie en koekjes. Je moet niets voorbereiden en zelfs niet inschrijven.
Het idee komt uit Engeland en is hier nog niet zo bekend. ‘Komen lezen’ werkt met goede literatuur, maar mikt vooral op mensen die niet tot lezen komen. Ze organiseren het bijvoorbeeld in gevangenissen en arme wijken. Je mag mensen niet onderschatten: ze hebben vaak veel meegemaakt en hebben soms meer gelezen dan je zou denken.
Ik doe het op verschillende plaatsen in Gent. Je kunt het heel makkelijk plannen, op korte termijn. De verhalen zijn gelaagd geschreven: je kunt er heel veel uithalen en ze kunnen verschillende wegen uitgaan. Iedereen heeft er een andere kijk op of haalt er andere dingen uit. Dat worden gesprekken, die ik dan begeleid. Soms moet je mensen weer bij het verhaal brengen. De deelnemers hoeven trouwens niet allemaal mee te doen, al gebeurt dat meestal wel. Als begeleider heb je zelf ook heel veel aan zo’n activiteit.
Vormingplus was het idee van ‘komen lezen’ bij VeBeS komen voorstellen, vanuit de veronderstelling dat blinde en slechtziende mensen weinig lezen. Maar in feite lezen zij vaak veel meer… Toch is het een succesvolle activiteit, waar ik dus mijn schouders onder heb gezet. Ik ga er nog een opleiding voor volgen, op eigen kosten. Dan leer je trucs en kom je terecht in een groep van mensen die elkaar helpen.
Bij de keuze van teksten of het gesprek erover, let ik erop dat het plezant blijft. Als ze deelnemen aan een activiteit, willen mensen in de eerste plaats op een prettige manier samen zijn.”

Welke mensen bewonder jij?

Johan: “De uitvinders! Wat gaat er in hen om en hoe komt het dat ze geniale invallen krijgen, terwijl ze vaak last hebben met heel gewone dingen zoals administratie? Dat fascineert me enorm.
Ook in onze organisatie tracht ik na te gaan wie de ideeën aanbrengt. Soms zijn dat nieuwe mensen, of vrijwilligers die zich engageren en iets willen realiseren.”

Waar droom je nog van?

Johan: “Ik zou de muzikanten bij Licht en Liefde eens willen samenbrengen. Joris Van Gansbeke heeft dat al geprobeerd. Er is veel talent, maar het lukte nog niet om ze eens met elkaar te laten musiceren.”
Heel veel succes verder, Johan. Blijf creatief en geëngageerd!

(Jan Dewitte)