Verslag van vakantie in Hotel VAYAMUNDO, Houffalize, van 4 tot 8 september 2022

“Leven als God in Frankrijk”, het bestaat nog; ongeveer hetzelfde is ons overkomen in Houffalize. We spreken van een korte vakantie van 5 dagen met autocar, vanop twee vertrekplaatsen: Berchem Station en Hasselt Station. Veel gehoorde reacties waren unaniem bij het afscheid: “Hopelijk tot weerziens volgend jaar”. Eén van de slechtziende dames wou absoluut haar reactie kwijt: “Ik ben heel dankbaar dat ik met VeBeS op vakantie kan, omdat verlof nemen nu anders niet meer zou lukken voor mij en deze formule echt op maat van mijn beperking gesneden is”.

Het opzet is dat elke blinde / slechtziende een begeleider heeft tijdens zijn / haar vakantie, voor hulp of steun waar nodig, om zodoende een optimale vakantiebeleving te genieten. Sfeer, timing, uitstappen die heel afwisselend zijn, met de mogelijkheid tot een eigen inbreng. Tips zijn daarom ook steeds welkom. Dit alles in de handen van een reisleiding, die met iedereen begaan is en elk probleem op een efficiënte manier tracht op te lossen. En bovendien een heel gedienstige autocar chauffeur die ongevraagd hier en daar een handje toesteekt.  Kortom, de organisatie is in handen van heel bekwame mensen en dat schept vertrouwen.

Het hotel is VAYAMUNDO, gelegen op het grondgebied van het mooie Ardense stadje Houffalize in de provincie Luxemburg. Dit hotel heeft vele faciliteiten zoals een binnenzwembad, fitnessruimte, een mooi parkdomein om in te wandelen of te ontspannen, ruime comfortabele kamers en eten in buffetvorm met uitgebreide keuze van spijs en drank tot zelfs Cava toe. Kortom, je komt er niets te kort.
Elk jaar wordt het programma in een nieuw jasje gestoken. Zo beleef je telkens nieuwe activiteiten die dank zij hun succes na menige jaren zelfs al eens herhaald worden. De enige spelbreker in dit verhaal kan alleen pech of het weer zijn. Dus … waarom nog twijfelen ???
Naast de reisleiding is er ook een “vlinder” mee, een extra persoon die kan inspringen waar nodig.
Een greep uit de uitstappen van dit jaar, die telkens nauwgezet voorbereid waren met commentaar op de bus onderweg en gids ter plaatse: Maandag voormiddag een busrit naar Durbuy met ontvangst door Radhadesh Gemeenschap, een Hare Krishna Beweging in België, gevestigd in het Chateau PETITE SOMME. In 1979 werd daar een oud kasteel aangekocht, dat in 1980 officieel in gebruik werd genomen als tempel. Het kasteel en domein kregen de naam “Radhadesh”, het land van Radha. De beoefenaars van deze religieuze groepering noemen zich “toegewijden aan God”. Dank zij hun inspanningen en de steun van de leden werd het kasteel volledig gerestaureerd en toegankelijk gemaakt voor toeristen of mensen die op retraite willen gaan in de rust van de Ardense natuur. De geschiedenis van het kasteel gaat terug tot de 12e eeuw, maar van het oorspronkelijke kasteel blijft enkel de vierkante toren over.
Na een videovoorstelling met duidelijke uitleg kregen we er een gesmaakte rondleiding en een ceremoniebeleving in de tempel zelf. Daarvoor moesten we in een voorkamer onze schoenen uitdoen uit respect. Men mocht ook voorwerpen uit die ceremonie betasten. We bezochten ook de moestuin met diverse kruiden en hun succesvolle methode om in deze dorre tijden de grond vochtig te houden voor de teelt van hun gewassen. De huidige leefgemeenschap combineert het leven in het kasteel als tempel van een spirituele beleving met de eeuwenoude Indiase cultuur. De vrouwen dragen een kleurrijke sari en de gehuwde mannen een lang wit gedrapeerd gewaad, de mannen scheren hun hoofd kaal als teken van onthechting. De mannelijke leden hebben ook een V-teken op hun neus in witte klei, de tilak, als toegewijden aan God. Ze staan ’s morgens om 4uur op en gaan slapen om 22uur, afhankelijk van de persoon. Zij hebben een gebedssnoer met 108 kralen en lezen tot 16x maal toe alle kralen, oftewel 1748 keer. De ceremonie was heel ingetogen en sereen en na het samen zingen kreeg iedereen wel een hongertje.
Dan volgde er een vegetarische maaltijd met citroenwater als drank en nadien was er gelegenheid tot shoppen in het winkeltje van het domein.
In de namiddag was er een wandeling voorzien in een lus rond de boerderij van PALOGNE, waar je mooi kan wandelen langs de Ourthe en de Lembrée, tot een burchtruïne na 60m hoogteverschil. Wel een wandeling van een tweetal uurtjes. Nadien was er tijd om te genieten van een streekbiertje of andere dorstlessers.

Dinsdag voormiddag vertrok onze autocar naar de leisteenmijn “Au Coeur de l’Ardoise” in Bertrix. Deze mijn sloot in 1977 haar deuren. Ongelofelijk, maar het harde labeur hield tot dan stand. Sinds 1997 zijn de onderaardse gangen ingericht voor toeristische bezoeken. Het gangenstelsel zit op 25m en 45m diepte. De Morepire, de zwarte steen bezorgde menig gezin in de streek een dak boven het hoofd van de bewoners.  De ontginning werd te duur en dus niet meer rendabel, ofschoon er nog een grote voorraad leisteen aanwezig is. De beklijvende rondleiding werd gegeven door gids Yves.
Eerste kregen we een boeiende inleiding over de mijn en haar geschiedenis en daarna, voor degenen die zich hadden opgegeven, een afdaling van 140 trappen en een wandeling door de mijngangen, met een helm op het hoofd. De enthousiaste Yves vertelde hier en daar anekdotes en lastte ook een minuut stilte in. Nergens kan je nog zo de stilte horen als daar, misschien af en toe het geluid van insijpelend vocht. Heel veel onvergetelijke indrukken opgedaan.
In de namiddag was er een bezoek voorzien aan een schapenboerderij in ACREMONT. Deze boerderij werd opgericht in 1999 door Peter; die hij samen met zijn echtgenote Barbara runt. Hun verwezenlijkingen worden zowel in België als over de grens geapprecieerd. Het echtpaar wordt gesteund door coöperatieve Terre-en-vue sinds 2015 en in 2022 is hun landbouwgrond nog met bijna 3ha uitgebreid. De boer vertelde heel bevlogen over zijn leven op de boerderij met 250 melkschapen in zijn bezit. Hun producten worden verkocht via de korte keten. Boer Peter studeerde af in de landbouw-wetenschappen en is in het bezit van een diploma “Zwitserse Kaasmeester”.  Eén van hun kazen werd zelfs internationaal bekroond. Het heel specifieke aan zijn werkwijze is dat boer Peter zijn schapen de vrije loop laat. In dit mooie landschap kregen wij een kaasschotel voorgeschoteld met gerookte schapenbout. Nadien was er gelegenheid om ambachtelijk ijs te proeven en kaas of worst te kopen in de shop.
Woensdag voormiddag had men keuze tussen een binnenactiviteit in één van de voor ons gereserveerde ruimtes in het hotel, ofwel een wandeling in de omgeving, een zogenaamde “Hap en Tap”-wandeling. Bijna iedereen koos voor het laatste. Onderweg schonk men aandacht aan de verscheidenheid van mossen en bloemen en kregen we af en toe een welgekome versnapering of drankje aangeboden. Na een pittige, maar mooie wandeling van 2 uur, onder begeleiding van een natuurliedje van Jasperina De Jong op Lieva’s smartphone, was er in het hotel zelf een BARBECUE voorzien voor onze groep, spijtig genoeg niet buiten.
In de namiddag was iedereen vrij om te doen waar hij zin in had: wandelen in het hoteldomein, een terrasje, winkelen in Houffalize, een plons in het zwembad.
De meeste avonden vertoefden wij in elkaars gezelschap bij een glaasje wijn, een frisdrank of een pint Lachouffe uit de streek, op het terras of in de bar.

Donderdag vertrok onze bus, na het inladen van de valiezen, terug huiswaarts. We hadden weliswaar nog één uitstap voor de boeg, nl. de Abdijsite van HERKENRODE, met een ludieke rondleiding in twee groepen door één van de zusters, de onze noemde “edele Jonkvrouwe Abdis”. We werden terug in de tijd gekatapulteerd. De geschiedenis van de eerste en ook rijkste vrouwenabdij ging terug tot de 12e – 13e eeuw. Nadat hij de strijd verloor met de Prins-Bisschop van Luik, verhuisde Graaf van Loon naar de grens met het Prinsbisdom. In de omgeving van zijn nieuwe woonst verkocht de graaf een stuk grond aan een broeder om er een bevoorrechte begraafplaats voor de Graven van Loon te maken.
Zijn oudste zoon huwde met Ada, Gravin van Holland. Er wordt vermoed dat zij diegene was die besliste om van de abdij een Cisterciënzerabdij voor vrouwen te maken. De Middeleeuwse idee bestond dat de maagden als bruid van Jezus een hogere zuiverheid en dus betere “bidkwaliteit” bezaten dan hun mannelijke collega’s. In het vervolg van de 13e eeuw werd de abdij een Pelgrimsoord en breidde het vermogen ervan steeds verder uit. In het begin van de 16e eeuw beleefde Herkenrode zijn Gouden Eeuw en bestelde een schat aan religieuze kunstwerken, zoals glasramen, kerktextiel en schilderijen. Hoge gasten van de Prins-Bisschop, zoals Keizer Karel en Paus Adrianus de 6e bevestigden de roem en de praal van Herkenrode. Na een periode van plunderingen brak er een rustperiode aan en een groot deel van het geld gaat naar bouwwerken en kunst voor de abdissen.
Tijdens opeenvolgende oorlogen betaalde de abdij aan de soldaten losgeld om zo grotendeels gespaard te blijven van vernielingen. De Franse revolutie zorgde echter voor een abrupt einde aan de welvaart. De abdij werd verkocht als “zwart goed” aan de meest biedende.
Vele kunstwerken verhuisden naar locaties in de buurt, maar ook tot plaatsen in bijv. Engeland. Er werd ook nog een industriële activiteit opgestart: textiel- en suikerfabricatie. Faillissementen hiervan zorgden voor verwaarlozing van het patrimonium. Later brak er een brand uit begin 19e eeuw in de kerk, die nadien werd afgebroken. Het hart van de abdij was weg.
Nog later kwam alles in familiehanden en verhuurde men de woningen, stallen aan pachters van de landbouwgronden. In 1972 volgde de aankoop door de Kanunnikessen van het Heilig Graf. Een nieuwe klooster werd gebouwd met respect voor de bestaande architectuur en in 1974 tenslotte werd Herkenrode beschermd monument en landschap. Vandaag staat de eenhoorn in het logo van de Abdijsite voor het herrijzen van Herkenrode in al zijn glorie.
Na een interessante rondleiding van meer dan een uur, werden wij verwacht aan een lange tafel in het plaatselijke restaurant “De Paardenstallen” voor een zeer uitgebreid tapasbord met vlees en vis en een hele grote portie groenten en frieten. Na deze lekkere maaltijd kregen we nog een dessert en een kop koffie. Iedereen kon voldaan en tevreden de eigenlijke terugreis naar de afstapplaatsen aanvatten. Eerste stop aan Station Hasselt, als laatste was Berchem Station aan de beurt.

Ik schreef mijn verslag in de wij-vorm omdat ik de indruk had dat er een grote samenhorigheid en groepsgevoel sterk aanwezig was onder de deelnemers. Dit is natuurlijk de verdienste van ons allemaal. Stuk voor stuk beleefden we boeiende uitstappen maar we hadden ook wel de weergoden mee. Een mooie, onvergetelijke vijfdaagse vakantie ook vooral dank zij de paraatheid, inzet en voortreffelijke voorbereiding van Lieva, Luc en vlinder André.

Tot volgend jaar !?! Met een volle autocar ?